Bezuidenhout

Op deze pagina de oorlogsverhalen, die de ouderen uit het Bezuidenhout
doorgeven aan de leerlingen van deze buurt.

In januari 2016 is Oorlog in mijn Buurt op twee scholen in het Bezuidenhout/Mariahoeve gestart op
De Leeuwerikhoeve en De Vuurvlinder.
De eindpresentaties van deze scholen vinden plaats op dinsdag 1 maart en donderdag 3 maart.

De Nutsschool Bezuidenhout sluit Oorlog in mijn Buurt in het Bezuidenhout af.
Interviews worden in de eerste twee weken van april 2016 afgenomen.
De eindpresentatie wordt eind april 2016 georganiseerd.

Wilt u geinterviewd worden, of wilt u een eindpresentatie bijwonen?
Neem dan contact op met Inge Brouwer of Hanneke Verbeek

 

 

 

22 resultaten gevonden, gesorteerd op alfabet / meest recent / meest gelezen
Er vielen bommen achter me en werd ik door de luchtdruk in de tuin van de buren geblazen.
We stonden met onze handen voor de oren en mijn zusjes gilden vreselijk.
Toen we uit de schuilkelder kropen was het één grote chaos met rook en vuur.
We kwamen een man tegen die een stuk van zijn arm miste, helemaal in paniek.
Dit keer gooiden ze geen bommen, maar voedselpakketten.
'Papa! Kom maar beneden hoor, ze zijn er niet meer!' Maar één van de landverraders stond nog in de gang.
De Duitsers gooiden het bed en de man op de wagen
Ik schrik nog altijd als ik harde knallen hoor.
Als ze dan met elkaar liepen, dan was het klak! klak! klak!
“Als jij het lef hebt om binnen te komen dan gooi ik deze bloempotten naar beneden!”
De Duitsers schoten met hun geweren door het huis heen om te kijken of ergens iemand zat.
Er kwam een hele groep Duitsers om de bus staan die riepen ‘Hunger! Hunger!’
Als je gepakt werd kreeg je op je donder en moest je je hengel, dat armzalige ding, afstaan.
Dat was de eerste keer dat ik mijn vader heb zien huilen.
Ik had mijn broodje bewaard, maar door al het rondslingerend glas, was dat niet meer te eten.
Hij is nooit meer thuisgekomen. Hij was pas 34 jaar.
Bij terugkomst uit Zwitserland bleek mijn hele familie te zijn vermoord.
Mijn moeder vermoedde dat de sigarenman niet te vertrouwen was. Hij begon op ons te letten. Toen zijn we vertrokken.
Mijn moeder verstopte het eten in de badkamer, want mijn vader had hongeroedeem en at alles op.
We stonden op de uitkijk naar bommenwerpers, zodat we snel weg konden rennen met onze waardevolste bezittingen in de hand
We zagen de vlammen van het bombardement boven de spoorweg uitkomen.
Wij konden niet geloven, dat een van onze familieleden bij de Duitsers in dienst was.