Centrum

Op deze pagina de oorlogsverhalen, die de ouderen uit het Centrum van Den Haag
doorgeven aan de leerlingen van deze buurt.

Eind januari 2016 wordt Oorlog in mijn Buurt in het Centrum gestart op de Carolusschool.
De leerlingen van deze school zullen begin maart 2016 interviewen.
De eindpresentatie volgt midden maart 2016.

Begin maart 2016 start de Cosmicusschool met Oorlog in mijn Buurt in het Centrum.
Eind maart/begin april zullen de interviews worden gehouden.
De eindpresentatie van de Cosmicusschool volgt begin/midden april 2016.

De laatste school van in het Centrum is ‘t Palet.
Zij starten op 22 maart en zullen midden/eind april interviewen.
De eindpresentatie volgt in de laatste week van april 2016.

Wilt u geinterviewd worden, of wilt u een eindpresentatie bijwonen?
Neem dan contact op met Hanneke Verbeek

18 resultaten gevonden, gesorteerd op alfabet / meest recent / meest gelezen
Vanaf toen heette ik Bertie.
Mijn moeder en ik kwamen afzonderlijk van elkaar in een éénpersoonscel terecht.
We vroegen ook om ‘cigarettes for daddy’. Maar die rookten we stiekem zelf op.
Mijn vader en ooms hebben tijdens een razzia in een wijnvat verstopt gezeten.
Wij pakten elke keer stiekem een handje rauwe erwten om op te eten.
Ik had mijn ster afgedaan want dat was veel te gevaarlijk.
'Geef mijn boterhammen maar aan deze meisjes'
Mijn vader gaf de fotozaak terug aan de weduwe. De winkel bestaat nog steeds.
Mijn moeder had vreselijke dingen meegemaakt en we hadden geen huis, geen geld en bijna geen familie meer.
Vanaf het dak van de Ridderzaal gooiden we steentjes naar een Hollandse politieagent.
Wij dachten dat ze naar een kamp gingen met spelletjes en lekker eten.
Ze ging weg als een dun vrouwtje op de fiets en kwam heel dik weer thuis.
Opeens schoten de soldaten de vriend van mijn vader dood.
Mijn moeder, mijn broertje en ik bleken de enige familieleden te zijn die de oorlog hadden overleefd.
Mijn vader heeft toen een brood gekocht voor 110 gulden.
We zagen hoe dokters uit de ziekenhuisramen zwaaiden met grote witte lakens.
Zelfs mijn dierbare speelgoed werd in de potkachel verbrand.
De Duitse militair gaf zijn dagrantsoen aan eten aan mijn vader, voor mij en mijn zusje.