Oorlogs­verhalen Amsterdam
477 resultaten gevonden, gesorteerd op alfabet / meest recent / meest gelezen
De blauwe lucht boven was vrijheid
Door mijn oudere broer werd ik ook lid van de Jeugdstorm
Een poppenhuis ruilen voor graan
De Jodenjager groette mij, het volgende moment werd hij neergeschoten.
Terug in de tijd
Kikkersprongen maken, uren achter elkaar
Het laatste versje
Na de oorlog pakten ze mijn zuster
Houtjes pikken tussen de tramrails
Met z'n allen rond de kachel
Omdat ik heel mager was moest ik toen ik 14 jaar was naar een gezin in Groningen
Ik werd snel volwassen
Een Nederlandse vlag op de gefusilleerden
Doodse stilte
Hij wilde ijs van Koco
Ik ben gewond geraakt bij de schietpartij op de Dam op 7 mei 1945
Er zit nog steeds een litteken in mijn knieholte
Door dat geluid van toen heb ik nog altijd een hekel aan vuurwerk
’s Nachts hoorde je keihard tiktiktiktik, de volgende dag gingen we verzamelen
Toen we later terugkwamen voor meer hout was de hele brug al verdwenen!
Toen we wakker werden van de honger hebben we die surrogaatpudding maar wel opgegeten
Ik kan nog geen boterham weggooien!
Familieleden bij het verzet en de NSB
Het geschreeuw hoorde je tot het einde van de staat, het was verschrikkelijk en ik zal dat nooit vergeten
Niemand sprak over de onderduikers
Ik deed hem aan zijn dochtertje denken
'Oorlog in mijn Buurt', leerlingen van de Anne Frankschool interviewen  Dick Neijssel, 5 februari 2015, foto: Katrien Mulder
Vader was verzetsheld
Iedereen had codenamen zodat mensen elkaar niet konden verraden als ze opgepakt waren
‘Mijn vader werd aan zijn stropdas meegesleurd naar buiten’
Voorlezen bij kaarslicht
Ik zag dat de gebrandschilderde ramen achter het altaar in stukken vlogen
'Dat is nou oorlog… dat mensen elkaar verraden'
Tijdens de mooiste jaren van mijn leven mochten we 's avonds niet op straat
We liepen altijd op klompen en hadden lange zwarte kousen met een rode naad van de sociale dienst.
'Met alleen een rugzak vertrokken we naar Westerbork'
We zagen een neergestort vliegtuig, in het Volewijkspark (nu Noorderpark), het stond nog in brand
Nu heeft mijn vader eindelijk een eigen stoel
We likten alles af om maar wat binnen te krijgen
Verraden door zijn eigen vrouw, mijn moeder
Over verzetswerk bleef je stil, ook na de oorlog
Een Eskimo kus als enige herinnering
Een koffertje met dubbele bodem
‘We hebben hem!’
"Ik ben degene die in het verzet gaat!"
Hij wilde de vijand in de ogen kijken
'Ik heb mijn vader heel lang niet gezien'
‘We wisten niet wat we met kauwgom moesten doen’
Gewone Duitse jongens